Onlangs was ik op het jubileumcongres van de Stichting Veldleeuwerik. De stichting werkt inmiddels al 15 jaar samen met een groot aantal ketenpartijen en akkerbouwers aan verduurzaming in de akkerbouw. De bodem vormt daarbij de basis en daarbij hoort een goed beheer. Een mooi initiatief, maar er klonk ook nogal wat kritiek. Het is onvoldoende duidelijk wat de andere manier van werken oplevert, zowel voor het milieu als voor de akkerbouwer. Het doel van het initiatief was om een verduurzaming te realiseren en om die te verwaarden in de markt, maar gesteld werd dat dat niet is gelukt. Voor een belangrijk deel is dat te wijten aan het ontbreken van harde cijfers: welke duurzaamheidsdoelen zijn er, welke parameters worden gebruikt om dat te meten, welk niveau wordt nagestreefd en wat zijn de prestaties? In Veldleeuwerik wordt bewust niet gewerkt met streefgetallen en worden prestaties niet gemeten en dat lijkt zich nu te wreken. Daarom kan niet goed worden aangegeven of de milieukwaliteit, bijvoorbeeld op het gebied van bodem- en waterkwaliteit, op de deelnemende bedrijven is verbeterd. En dat zou je toch eigenlijk willen weten.

Zijn er andere voorbeelden van een verduurzaming van bodembeheer die wel tot een meetbaar resultaat hebben geleid? Ja zeker, denk maar aan het mestbeleid, dat heeft geleid tot een sterke daling van het nitraatgehalte in grondwater in de afgelopen decennia. Je zou kunnen stellen dat dit een succesvolle wijze van verduurzaming is geweest, al zal dat niet door alle boeren zo worden beleefd. Daarbij speelt mee dat dit een wettelijke verplichting is die van bovenop wordt opgelegd, terwijl Veldleeuwerik een initiatief is waarbij akkerbouwers zich vrijwillig aansluiten en waarbij ze zelf hun (duurzaamheids)plannen maken.

Een ander voorbeeld is het Milieukeur-certificaat. Daarin is precies vastgelegd welke doelen er op een aantal thema’s worden nagestreefd en aan welke eisen minimaal moet worden gedaan. Op het gebied van duurzaam bodembeheer in de open teelten wordt daar als eis gesteld dat moet worden bemest op basis van grond- en/of gewasonderzoek en dat moet worden gewerkt met een organische stofbalans. NMI heeft hiervoor een mooie tool ontwikkeld die binnenkort als web-applicatie beschikbaar komt. Hier dus wel heldere en meetbare doelen. Dat is waarschijnlijk de reden dat Jumbo en Albert Hein dit onder druk van Greenpeace en Natuur en Milieu hebben omarmd en van hun toeleveranciers vragen hieraan te voldoen. Een mooi stap richting verduurzaming van open teelten, maar wel opgelegd van boven. In dit geval door de supermarkten. Het is een voorwaarde geworden om te leveren. Voor de producent zou het mooier zijn als de duurzame manier van telen en het beheren van de bodem tot een extra beloning zou leiden. De consument speelt daarin een cruciale rol. Blijkbaar is dat echter moeilijk te realiseren en zitten u en ik liever voor een dubbeltje op de eerste rang.

Geschreven door Romke Postma